Ziektebestrijding & plantgezondheid

-Help! Mijn plant is ziek! Wat nu?

Afhankelijk van wat de plant heeft, zijn verschillende aanpakken mogelijk!

Gele bladeren

Er zijn verschillende oorzaken voor het geel kleuren van je bladeren. Analyseer goed de volgende factoren:

  • Grond: als de plant gele bladeren krijgt en je grond voelt heel nat aan (en je hebt er onlangs nog wat water extra gegeven), dan kan het wel eens door overwateren zijn. De grond die nat blijft is ook een teken dat de plant de hoeveelheid water in de pot niet meer kan verwerken, en dus aan het verdrinken is.
    In dit geval moet je zo snel mogelijk de grond vervangen met verse potaarde, en de natte kluit van rond het wortselstelsel verwijderen.
    Het kan even duren vooraleer de plant nu opnieuw hersteld, en geef vooral niet opnieuw te veel water.
  • Omgeving: nog een andere vaak voorkomende reden dat bladeren beginnen te verkleuren is te weinig of te veel licht. Analyseer goed de lichtinval op de plant, en probeer in te schatten of dit te weinig of te veel is voor de plant die raar doet. Als bijvoorbeeld een monstera gele bladeren krijgt en hij staat voor een zuid-gericht raam, dan is het aangeraden om deze wat verder van het raam te verplaatsen, of aan een oost-gericht raam te plaatsen. Omgekeerd: krijgt de plant gele bladeren op 4 meter van een noord-gericht raam, dan kun je de plant beter wat dichter bij het raam verplaatsen.
    Zoek voor je de plant in huis haalt, altijd goed op welke lichtinval deze verkiest. Of heb je al een plekje in gedachten: kijk goed welk soort licht je daar hebt binnenvallen:

    • Schaduwplek: vanuit het standpunt van de plant kan je geen inkomend lucht zien, oftwel achter een hoekje van het raam. Geschikte planten: Aglaonema, Rhapis
    • Indirect licht, geen zon: vanuit de plaats van de plant gezien kan je de blote hemel zien. Echter komt er geen direct zonlicht. Voorbeelden van deze plaatsen zijn noordramen, dakkoepels en recht onder een velux. Geschikte planten hiervoor zijn Calathea, Draceana’s, Yucca, Begonia, Dypsis, Howea, Thaumatophyllum, Ctenanthe, Aeschynanthus.
    • Ochtend- en avondzon: een plaatsje met veel ochtendzon (tot ongeveer 12u) of avondzon (vanaf 17u) is voor veel tropische planten ideaal. Ochtendzon is namelijk niet zo intens als de rest van de dag, en geeft je planten de nodige portie fotosynthese om energie te maken. Geef deze plaatsjes aan je Monstera, Philodendron, Syngonium, Cycas, Peperomia.
    • Middagzon: Planten die hier te komen te staan, dienen hier echt geschikt voor te zijn. De intense stralen van de zon die op zijn hoogste punt staat, is voor planten te hard. Echter zijn er anderen die niet liever hebben. Voorbeelden hiervan zijn Phoenix, cactussen, vetplanten, Alocasia, Strelitzia.
  • Verversen van de bladeren: het is niet altijd een ziekte die de plant er toe aan zet om gele bladeren te maken, soms is het gewoon tijd voor nieuwe 🙂 Voorbeeld hiervan is Alocasia, die de oudste bladeren laat afsterven om weer plaats te maken voor nieuwe. Epipremnum kan dit ook doen, wanneer enkele bladeren te weinig licht ontvangen in vergelijking met de andere. Een soort van energie-efficiëntie als het ware.
  • Voedingstekort: wanneer de plant niet meer krijgt wat ze zou moeten ontvangen, kunnen er mini brandplekken in de kern van het blad ontstaan. Dit wijst op stress en kan te maken hebben met een voedingstekort. Heb je de plant de laatste tijd nog niet geen voeding gegeven, dan wordt het wel eens tijd… Bij Broesse werken we met voedingskorrels van Bio-Kultura.
  • Ziektes: deze hebben als jammerlijk effect dat ze je plant snel kunnen kapot maken. Begint je plant van blad te verkleuren uit het niets, terwijl je bovenstaande factoren hebt bekeken, dan kan je wel eens te maken hebben met een ziekte.
    Binnenshuis zijn dit de meest courante plagen:

    • Wolluis: makkelijk herkenbaar door de witte, kleverige wol die ze overal achterlaten. De beestjes zelf zien er als kleine pissebedden uit. Vaak te vinden in de oksels van de plant, alsook op de bladeren. Kunnen andere planten ook bereiken die in de buurt staan en vermeerderen behoorlijk snel.
      Beste behandeling is met een penceel en white spirit, en de beestjes letterlijk aanstippen. Andere effectief middel is met een vod en water: alles fysiek weg vegen. Daarna afspoelen met een harde waterstraal. Herhaal om de 2 a 3 dagen om een effectieve verdwijning van de beestjes te realiseren.
    • Thrips: zeer hardnekkige ziekte die moeilijk te zien is. De beestjes zijn langwerpig en lopen rond op de onderkant van het blad. Wanneer je plant grauwe plekken in het blad krijgt, is het meestal teken dat ze er zijn. Isoleer zo snel mogelijk de plant, want ze kunnen vliegen (al moeten we het eerder zweven noemen).
      Te verwijderen met een natte vod en harde waterstraal. Herhaal om de 3 dagen voor een 2-tal weken aan een stuk tot je ze niet meer ziet verschijnen.
    • Spint: te herkennen door de vele witte puntjes die overal op het blad verschijnen. Bewegen amper, maar kunnen zich zeer snel en zonder genade manifesteren. Snel ingrijpen is de boodschap!
      Verwijderen door om de 2 dagen de plant volledig af te spoelen met water, of buiten te plaatsen als de soort plant dit toelaat. Regen is ook een effectief bestrijdingsmiddel.
    • Bladluis: bruine of witte beestjes die in grote getallen langs de stengels bewegen, alsook op het blad. De plant zal zeer snel aftakelen, indien dit niet bestreden wordt. Probeer opnieuw met een natte doek de beestjes fysiek te verwijderen, en als dat niet helpt met een bio-insecticide.
    • Rouwvlieg: op het eerste zicht lijkt deze plaag op onschuldige fruitvliegjes die in de buurt van planten zitten. Maar wanneer je merkt dat de plant achteruit aan het gaan is, en ze zich vooral rond natte potgrond verzamelen, kan het wel eens de rouwvlieg zijn. Zeker als je bij het slaan op de pot een hele zwerm ziet ontsnappen. De vliegjes zelf zijn niet zo kwalijk, maar de larven voeden zich met de wortels van je geliefkoosde plant, waardoor deze langzaamaan kapot gaat.
      Een eerste tip: laat de grond meer uitdrogen! Rouwvliegen manifesteren zich het best in natte grond, dus de grond naar het droge toe laten gaan, kan al veel voorkomen.
      Verdere bestrijding kan door de plant te isoleren in een aparte ruimte, kloppen op de pot en klaarstaan met een stofzuiger om de vliegen op te zuigen, een mengsel van tabak en water maken om in de grond te gieten, de grond volledig vervangen (zeker rond de wortels), en kaneel over de grond strooien. Deze methodes kunnen het best gecombineerd worden om een effectief resultaat te behalen, over de verschillende planten die besmet zijn.
    • Andere: bovenstaande plagen zijn deze waar we het meest in contact mee komen. Over het algemeen hebben we al gemerkt dat goed afspoelen met water al veel kan helpen!